Stap 1 malen van kwartszandCellenbeton bestaat voor 80% uit lucht, wat het superisolerend maakt. De 20% vaste stof vormt de dragende structuur van de wandjes rond de duizenden cellen waarin de lucht zich bevindt. Deze structuur bestaat uit tobermorietkristallen die ook in de natuur voorkomen als rotsachtig gesteente. De basisbouwstof van tobermoriet is kwarts (Si). Wit zand bestaat voor meer dan 90% uit kwarts. Daarom wordt het zand eerst fijn gemalen in een kogelmolen. Deze molen is 6 meter lang en heeft een diameter van 2,5 meter. Hij is voor 20% gevuld met stalen bollen die de zandkorrels fijn breken als de molen draait. Bij de uitgang van de molen is circa 80% van de zandkorrels fijner dan 0,09 mm of 90 micron. Het elektriciteitsverbruik bij de productie van een m³ cellenbeton is zeer laag dankzij het laag specifiek gewicht. Circa 75% van die elektriciteit wordt verbruikt bij het fijnmalen van het zand. | |
Stap 2 afwegen van de grondstoffen
De productie van Cellumat is onderworpen aan zeer strenge Europese regels en wordt om de paar maanden gecontroleerd door Franse en Belgische controle-organismen. De toleranties bij de productie zijn uiterst klein. Bovendien is de productie van de tobermorietkristallen een delicaat proces dat in al zijn facetten elektronisch bewaakt wordt. Om de vereiste eigenschappen te verkrijgen voor elke soort cellenbeton, worden ‘recepten’ ontwikkeld die telkens aangepaste hoeveelheden grondstoffen in welbepaalde verhoudingen vereisen. Omgevingsfactoren zoals bijvoorbeeld de temperatuur in de grondstoffensilo’s spelen daarbij een determinerende rol. Bij Cellumat worden tientallen procesparameters on line gemeten. De productie gebeurt in kleine batchen van circa 6m³. Bij de productie van elke batch worden alle metingen verwerkt en wordt het recept in functie daarvan fijngesteld. Hiertoe worden de verschillende grondstoffen zeer nauwkeurig afgewogen met een automatische precisieweegschaal per grondstof. | |
Stap 3 mengen en gieten
De aldus verkregen specie wordt gegoten in mallen van 6 meter op 1,5 meter. | |
Stap 4 rijzenBij het maken van brooddeeg wordt een beetje gist toegevoegd om het deeg te doen rijzen.
Deze rijzing gebeurt bij bepaalde temperatuurs-omstandigheden in een ‘warmtekamer’. Het blussen van de kalk doet de temperatuur in de specie oplopen tot circa 80°C. Dankzij deze hoge temperaturen bindt de portlandcement het water in de specie sneller en maakt de cake ‘steekvast’ binnen circa 2 uren. | |
Stap 5 kantelen en ontkofferenEens de cake van 6m x 1,5m x 0,7m voldoende sterk is (na 2 à 3 uur in de warmtekamer), wordt hij rechtop gezet en ontdaan van de gietmal. De keuze van het moment van ontkofferen is uiterst belangrijk : de cake moet al hard genoeg zijn om op zichzelf te staan zonder mal, maar moet tegelijkertijd nog zacht genoeg zijn om nauwkeurig op maat gesneden te worden in stap 6. | |
| |
Stap 7 uithardenHet harden van cellenbeton (= kristalliseren) is anders dan bij vele klassieke materialen, waar het in principe over een geforceerde droging gaat. Bij cellenbeton verkrijgt men de vereiste sterkte van het materiaal door de vorming van 'tobermoriet'-kristallen, een natuurlijk kristal met zeer hoge sterkte. Daartoe dienen kwarts (Si), kalk (Ca) in waterverzadigde (H2O) atmosfeer samengebracht te worden tussen 180° en 190°C. Dergelijke omstandigheden creëert men in stoomovens of 'autoclaven' : grote cilindrische stalen kokers van 50 meter lang en 3 meter diameter waarin stoom op hoge druk wordt gebracht tot de druk in de autoclaaf circa 10 bar bedraagt en dus een temperatuur van 180°C bereikt.
Na een cyclus van circa 10 uur komt het cellenbeton kant en klaar uit de autoclaaf. Het materiaal is volledig uitgehard zodat –in tegenstelling tot andere materialen– geen verhardingskrimp meer hoeft gevreesd te worden. Cellumat heeft om wille van energie- en capaciteitsredenen geopteerd voor autoclaven die, voor de branche, ongewoon grote afmetingen hebben. De grote autoclaven die Cellumat gebruikt betekenen wel een grotere investering, maar zorgen voor minder autoclaveringscyclussen en dus minder stoomverbruik.
De aanmaak van stoom staat voor twee derden van het energieverbruik van de productie van cellenbeton. Bij het autoclaveren condenseert de stoom in de vorm van heet water op 100°C. Dit condensaat wordt integraal gerecycleerd voor de productie van nieuw cellenbeton en verwarmingsdoeleinden. 95% van de aangemaakte calorieën wordt bijgevolg nuttig gebruikt. Quasi geen energie gaat verloren. Geen druppel productiewater wordt geloosd. | |
Stap 8 eind- en laboratoriumcontroleVooraleer de blokken te verpakken onderwerpen we ze aan een visuele inspectie. Eventueel beschadigde blokken worden vervangen. Tegelijkertijd zonderen we dagelijks ook de blokken af om ze volgens de BENOR en AFNOR-reglementeringen te testen. Op jaarbasis worden aldus een paar duizend blokken getest op hun diverse eigenschappen, zodat de kwaliteit gegarandeerd is. | |
Stap 9 palettiseren en verpakkenCellenbeton is van nature licht en daarom ook gevoelig aan impactbreuk als de paletten brutaal behandeld worden. Dit fenomeen wordt nog versterkt doordat de blokken liggend geproduceerd en ook liggend gepalettiseerd worden.
Bovendien is deze manier van verpakken ook voor de bouwvakkers en de do-it-yourselver aangenaam: de blokken, voorzien van handgrepen, staan op het palet zoals ze in de muur komen. Ze hoeven dus niet meer van liggend naar rechtop gekanteld worden zoals bij de meeste concurrenten. Ergonomisch betekent dit een hele verbetering. Zowel de handelaar, de transporteur als de aannemer worden verwend door het unieke Cellumat palet dat in alle richtingen kan genomen worden met loshaak, heftruck of transpalet. De krimphoes verzekert dat de blokken stabiel op het palet blijven, droog en proper. | |
Stap 10 stockage
| |
Stap 11 recyclageVervangen blokken en verharde productieresten worden fijngemalen en hergebruikt bij nieuwe productie. Ook werfafval kan teruggebracht worden naar de fabriek en aldus gerecycleerd worden, op voorwaarde dat het enkel zuiver cellenbeton betreft natuurlijk. | |
|